Starter landbouw: “Ik maak mijn jongensdroom waar dankzij GLB”
| |
Zelfstandig worden. Het is de droom van veel jongeren. Maar nog meer bij jonge mensen die actief zijn in de land- en tuinbouw. 
Meestal gaat het dan over zonen en dochters die mee in de zaak van hun ouders willen stappen, of die het bedrijf volledig willen overnemen.
Zo’n bedrijfopvolgingen zijn in de land- en tuinbouw allesbehalve makkelijk. Naast menselijke en familiale verhoudingen, spelen ook juridische, economische en financiële factoren een rol.
Het financiële plaatje rond krijgen is vaak nog het moeilijkste. Een modern bedrijf overnemen kost namelijk een klein fortuin. Waardoor er vaak geen geld meer is voor noodzakelijke bijkomende investeringen.
Gelukkig steunt het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) jonge ondernemers in de Land- en tuinbouw via een vestigingssteun. Deze bestaat in Vlaanderen uit een kapitaalpremie, een rentesubsidie en een overheidswaarborg. Vlaanderen koppelt hier wel voorwaarden aan vast rond economische leefbaarheid, milieu, hygiëne en dierenwelzijn. Zo zijn we zeker dat er geen geld in het water wordt gesmeten.
In 2007 deden 322 jonge starters een beroep op het VLIF. Dankzij de vestigingssteun werden meer dan 3000 arbeidsplaatsen behouden in de periode van 2000-2006.
Een verwezenlijking waar Europa veel mee te maken heeft. Maar liefst 30 percent van de steun die Vlaanderen als vestigingssteun geeft, komt van Europa. En dat scheelt een grote slok op de borrel. Het zorgt voor een economische sector die groei kan realiseren.
|
|
En het zorgt ervoor dat mensen hun dromen over
een bloeiend bedrijf waarmaken.
|
 |